Duurzaamheid: de optelsom van onze kleine keuzes

Soms lijkt het of jouw en mijn kleine beslissingen geen zoden aan de dijk zetten. Als de politiek besluit dat we met z’n allen opeens 130 km/u mogen rijden op snelwegen, raakt de uitstoot van kwalijke gassen in een hogere versnelling. Als vliegmaatschappijen elkaar stuk concurreren met goedkope tickets, neemt het aantal reizigers een hoge vlucht. Als de economie aantrekt, lijken nog langere files onvermijdbaar. Wat stellen mijn kleine keuzes dan nog voor?

In de afgelopen weken maakten mijn vrouw en ik een aantal van die kleine keuzes. In onze eigen leefomgeving – ons huis, onze tuin, onze manier van reizen – zijn we immers zelf verantwoordelijk en rentmeester van ons eigen landgoedje. Bij het opknappen van onze hal konden we enkele rollen behang en een halve doos kant-en-klaar stijfsel goedkoop overnemen van kennissen. Dat scheelde trouwens ook flink wat uitzoekwerk, mooi meegenomen.

Mijn 10 kilometer heen en dan weer terug naar mijn werk zijn een stuk aangenamer geworden door de tweedehands e-bike die ik kocht. Ik merkte dat ik ongemerkt toch vaker met de auto begon te gaan dan me lief was. Nu pak ik deze alleen nog als deze echt nodig is, bijvoorbeeld voor een stagebezoek op een lastige plek. En ik geniet meer dan voorheen van het fietsen.

De schutting begint na bijna 25 jaar te verrotten aan de bovenkant. Een nieuwe is eigenlijk helemaal niet zo duur en met wat hulp zo geplaatst. Maar waarom niet de bovenste rand er afzagen en een lat bevestigen op de kopse kant? Dat scheelt afval, grondstoffen, een autorit, geld en de schutting kan nog jaren mee.

Het is herfst geworden. Buiten – en dus ook binnen – wordt het frisser. Zet ik de verwarming hoger of trek ik mijn fleece aan? Wat heb ik trouwens veel plezier van die schoenen waar ik nieuwe zolen onder heb laten zetten.

Stel je nou eens voor dat 10 miljoen Nederlandse huishoudens dit soort keuzes maken. En dat elk huishouden elke maand één zo’n kleine duurzame keuze maakt. Eéntje maar… dat zijn dan toch 120 miljoen duurzame keuzes per jaar. 120.000.000! En stel je nu toch eens voor dat alle Chinezen dat ook gaan doen. Elke maand één extra duurzame kleine keuze. Dat is dan 1 miljard x 12 maanden = 12.000.000.000 kostbare kleine keuzes. Stel dat, hè, want zij maken natuurlijk ook hun eigen keuzes. Dat kan ik niet voor hen doen. Maar ik kan wel mijn eigen kleine, duurzame keuzes maken. En als dat mijn levenspatroon wordt, zal dat dan ook niet gaan doorwerken bij anderen in mijn omgeving? En zal het niet meebepalend worden voor mijn keuze in het stemhokje? En heeft die keuze dan geen invloed op de koers van het land, ook op de grote beslissingen? Veracht de dag der kleine dingen niet, zegt de profeet Zacharia. Hij bedoelde daarmee iets als: Gods werk krijgt ook vorm via kleine stapjes. Onze kleine keuzes helpen mee om Gods heerlijke schepping te bewaren. Ik kan God aanbidden op nieuwe zolen.

Bert Roor

Kernteamlid A Rocha Heuvelrug en docent Christelijke Hogeschool Ede

Facebooktwitter

Fijn in de (propvolle) trein

Daar stond ik dan met mijn idealen: 2,5 uur als sardientje in een propvolle trein met al mijn bagage. Dat was niet helemaal het beeld dat ik had van de treinreisvakantie. Ik dacht dat treinreizen ontspannen was en je wat van de omgeving zou zien. Zelfs Ernie van Sesamstraat zingt over ‘Fijn in de trein’. Nu zat ik nog meer opgepropt dan in een vliegtuig en kon ik amper naar buiten kijken.

Met een bruiloft in Zweden was het snel duidelijk waar onze vakantie naar toe ging dit jaar. De vraag was nog: met welk vervoersmiddel? Ik maakte schattingen van de prijs, reistijd en CO2e uitstoot van een retour voor 2 personen naar de locatie van de bruiloft. Afhankelijk van het vervoersmiddel zou ik de rest van de vakantie plannen. Je vliegt met voor €360 (incl. bagage) in 1,5 uur naar een stad in de buurt en stoot daarbij 370 kilo aan CO2e uit. Met een auto rijdt je voor €225 in 12 uur naar Zweden en stoot je 359 kilo CO2e uit. De trein brengt je voor €325 in 13 uur naar Zweden waarbij je 43 kilo CO2e uitstoot. Ik had verwacht dat het vliegtuig goedkoper zou zijn, maar je hebt alleen tijdwinst. Langzamer reizen en meer zien van de omgeving is voor mij geen tijdverlies, maar een onderdeel van de vakantie. Tegelijk kijkend naar de CO2e uitstoot was het eigenlijk een makkelijke keus: het werd een treinreisvakantie.

Uiteindelijk hebben we een Interrail treinticket gekocht en zijn we verder gaan reizen na de bruiloft. In totaal hebben we met 17 treinen 4000 kilometer afgelegd. Reizen met de trein heeft voordelen. De treinen in Scandinavië zijn aanzienlijk luxer dan in Nederland, waardoor je het gevoel hebt 1e klas te reizen. Je hoeft niet na te denken over de route, welke afslag je moet nemen of waar je (gratis) kan parkeren in een stad. Je stapt vaak in het centrum van een stad uit met alle voorzieningen op loopafstand. Met de trein leg je snel vele kilometers af terwijl je rustig boeken leest, muziek luistert of spelletjes speelt. In veel treinen zijn er stopcontacten waardoor ook de reizigers die hun laptop/tablet meenemen zich kunnen vermaken. Toch leg je alles weg op het moment dat er prachtige landschappen voorbij komen: uitgestrekte graanvelden, watervallen, besneeuwde bergtoppen. We hebben zelfs een eland vanuit de trein gezien! Het enige wat ik denk als ik naar buiten tuur: wat hebben we een geniale Schepper.

Ik kan je een paar tips geven, mocht je een treinreisvakantie eens willen proberen. Denk na over je bagage: een (krappe) overstap is soms makkelijker te halen met een enkele rugzak dan meerdere koffers en tassen. Wil je de zekerheid van een zitplaats? Voor de meeste treinen kun je een zitplaats reserveren. Mis je een overstap? Vaak kun je een trein later nemen en ben je niet al te veel tijd kwijt. Een enkele keer rijden er zo weinig treinen op een traject dat een gemiste overstap je reis 6 uur kan vertragen (we hebben heel hard gerend voor die trein). Wees bereid om je reis aan te passen of plan ruime overstappen.

Ik heb een prachtige bruiloft meegemaakt, een geweldige vakantie gehad, heerlijk kunnen genieten van de schepping en daarbij maar weinig CO2e uitstoot veroorzaakt. Die ene propvolle trein deed mijn idealen maar heel eventjes wankelen. De volgende vakantie stap ik gewoon weer ‘fijn in de trein’.

Veraniek Veldstra

Facebooktwitter

De CO₂ aflaatboom?

Isaac met de boom die hij 3 jaar eerder plantte (Ghana)

Een retourtje Thailand met een gezin kost meer CO2 uitstoot dan een jaar gasverbruik voor verwarming en warmwater voor dat zelfde gezin. We weten dat onze reislust gevolgen heeft voor de aarde. Langzaam wordt het de mensheid duidelijk, dat de westerse manier van leven grote invloed heeft op het klimaat wereldwijd met grote gevolgen voor alles wat leeft en op de leefomgeving van het nageslacht van dier en mens. We gaan graag op vakantie naar verre oorden. Nemen we in onze beslissingen ook onze impact op het klimaat mee?

De NOS bracht de laatste tijd een aantal vlogs uit over permafrost naar aanleiding van een recent onderzoek. Klimaatverandering versnelt door het smelten van permafrost. Het gevolg: er komt nog meer methaan (CH4) vrij. Op klimaatconferenties slaan wereldleiders de handen ineen met het doel beleid te ontwikkelen, dat de klimaatverandering een halt moet toeroepen. Tegelijk wordt technologie ontwikkeld om zonder of met zo weinig mogelijk impact onze leefwijze voort te kunnen zetten. Veel landen bereiden wetgeving voor, opdat er uitstootvrije auto’s komen. We willen bijna overal zonnepanelen en windmolens plaatsen. Dit alles om onze groeiende behoefte aan vervoer en energie te bevredigen zonder dat we ons gedrag behoeven te veranderen.

Daar waar het nog niet zo ver is, dat er voldoende emissie vrije energie beschikbaar is, kunnen we onze uitstoot compenseren via organisaties als Trees for all, Fair Climate Fund en Climate Stewards. Zij financieren met de compensaties projecten die de CO2 uitstoot ongedaan maken door bijvoorbeeld boomaanplantprojecten. Bomen hebben CO2 nodig voor hun groei en geven zuurstof terug aan de lucht. Met CH4 wordt dat een stuk lastiger.

Climate Stewards wil niet alleen compenseren, zij wil vooral minderen. Als het effect van menselijk handelen op klimaatverandering klein genoeg is, wil zij zich zelfs opheffen. Zo ver is het nog lang niet en tot die tijd biedt Climate Steward projecten aan waar CO2 gecompenseerd wordt. Momenteel ondersteunen we projecten in Ghana, Kenia en Mexico.

In Ghana werken we samen met scholen en lokale gemeenschappen die zorg dragen voor inheemse bomen die koolstof opslaan en zuurstof teruggeven. Ook verbeteren deze groepen het levensonderhoud door agro-bosbouw en bosproducten, waardoor ook de biodiversiteit herstelt. Daarnaast financieren we de milieuclubs van de scholen. In Kenia is Paradigm onze partner (Gold Standard geaccrediteerd) en zij bieden efficiënte houtovens, water filters en solar lampen aan. In Mexico is Scolel’te onze partner (Plan Vivo geaccrediteerd) en zij ondersteunen kleine boerenbedrijven met agro-bosbouw, herbebossing en het onderhouden van de bossen. Het gaat dus om meer dan alleen compensatie van onze uitstoot, ook om het verbeteren van leefomstandigheden van degenen die het zwaarst de gevolgen dragen van ons gedrag. Is compenseren bij Climate Stewards aflaat of een bijdrage aan een betere wereld? Wij zijn overtuigd van het laatste. Maar oordeel zelf: https://www.climatestewards.nl/

Bert van der Woerd

 Facebooktwitter

Palmolie

Weinig boodschappen haal ik nog bij een supermarkt: eieren en vlees haal ik bij een lokale boer, meel bij een lokale molen, groente, vis en nootjes op de markt en houdbare biologische bulkartikelen bij de Bioclub. Wat ik daarnaast nog nodig heb haal ik bij de supermarkt, waar ik let op het keurmerk voor biologisch of fairtrade. Ik hoorde al langere tijd negatieve geluiden over palmolie, maar wilde niet nóg iets hebben waar ik op moet letten bij het boodschappen doen. Tot eind mei, toen het wederom in het nieuws kwam: de Dutch Alliance Sustainable Palm Oil (DASPO) liet weten dat in 2016 90% van de verwerkte palmolie in Nederland duurzaam was. Daarop kwamen gelijk kritische geluiden van Amnesty International, Greenpeace en Milieudefensie. Tijd om dieper in het onderwerp te duiken.

Wat is palmolie?
Palmolie is een plantaardige olie die wordt gemaakt van het vruchtvlees van een oliepalm. Deze palmen groeien in gebieden rondom de evenaar. Palmolie is een goedkope en efficiënte oliesoort en wordt daarom voor veel verschillende doeleinden gebruikt. Naast het gebruik als biobrandstof wordt palmolie verwerkt in levensmiddelen zoals chocolade, koekjes, shampoo en lippenstift.

Wat is het probleem?
Door de groeiende vraag naar palmolie, breiden de palmolieplantages uit. Om hier ruimte voor te maken worden stukken regenwoud platgebrand waardoor dieren hun leefgebied kwijtraken en er veel CO2 in de atmosfeer komt. Daarnaast worden er mensenrechten overschreden, is er sprake van kinderarbeid, zijn er landconflicten en worden er bestrijdingsmiddelen gebruikt. Kortom: de productie van palmolie is schadelijk voor mens, dier en milieu. (Lees meer)

RSPO-keurmerk
De problemen rondom de productie van palmolie is echter geen nieuws. Al in 2004 werd de internationale Roundtable on Sustainable Palm Oil (RSPO) opgericht door bedrijven en maatschappelijke organisaties. Meer dan 2000 leden beloven zich te houden aan de gestelde criteria. Deze criteria gaan over het uitbreiden van plantages, de werknemers en lokale bevolking. Wanneer een product het RSPO-keurmerk draagt, moet 95% van de palmolie in het product duurzame palmolie zijn.

Duurzame palmolie
Volgens DASPO zou 90% van de in Nederland verwerkte palmolie duurzame palmolie zijn. Maar aan die duurzaamheid wordt getwijfeld door een paar grote partijen. Uit publicaties van Amnesty International en Milieudefensie/Friends of the Earth blijkt dat bedrijven die aangesloten zijn bij de RSPO zich niet houden aan de criteria voor duurzame palmolie. Ze beloven beterschap, maar handelen daar niet naar. De enorme economische belangen maken het niet makkelijk de keten te verduurzamen.

Wat nu?
Het is erg, maar eigenlijk schrik ik niet zo van deze verhalen rondom de productie van palmolie. Ik ben me er akelig van bewust dat palmolie maar één van de producten is waarbij deze praktijken voorkomen. We laten veel van onze spullen buiten Nederland produceren en hebben daarbij niet altijd zicht op het productieproces. Het geeft me een gevoel van machteloosheid: wat kan ik dan nog wel kopen? Is er bij productie van andere oliën niet hetzelfde aan de hand? 
Misschien moet ik met kleine stapjes beginnen. Ik heb al gezien dat ik krokante muesli met palmolie makkelijk kan vervangen door krokant muesli zonder palmolie van een ander merk. Een voor een zal ik producten onder de loep nemen en kijken of er een alternatief is. Daarom kijk ik in de supermarkt nu toch maar of er palmolie in de producten zit die op mijn boodschappenlijstje staan.

En jij? Wat ga jij doen nu je dit weet?

Veraniek Veldstra

Facebooktwitter

De impact van nieuwe spullen

Spullen kopen, we houden er bijna allemaal wel van. Unboxing videos schieten als paddenstoelen uit de grond na de introductie van wéér een nieuwe iPhone of wéér een nieuwe iPad. En wees eerlijk: het kan ook heerlijk zijn om je schaar in die blisterverpakking te zetten of het doosje zorgvuldig te openen. Maar wist je dat we met het kopen van al onze nieuwe spullen meer impact op de aarde hebben dan met onze vleesconsumptie?

Impact op de aarde
Voor haar boek ‘De Verborgen Impact’ liet Babette Porcelijn een Impact top-10 samenstellen door een gerenommeerd onderzoeksbureau. Deze impact neemt onder andere de uitstoot van broeikasgassen mee, maar ook diverse soorten vervuiling, landgebruik en ontbossing. En wat blijkt? De meeste impact op de aarde hebben we met het kopen van nieuwe spullen. Dit zit ‘m vooral in het maken en vervoeren van al die spullen. Interessant en schokkend feitje: de 16 grootste zeeschepen die onze spullen vervoeren stoten evenveel zwavel uit als alle auto’s in de hele wereld bij elkaar.

Challenge
Het was voor mijn vrouw en mij een reden om een half jaar de ‘Buy Nothing New Challenge’ te doen. Een half jaar lang geen nieuwe spullen kopen. Natuurlijk waren er uitzonderingen (ondergoed, tools om dingen te repareren, tools om zelf dingen te maken), maar over het algemeen dus niks nieuws. Veel op marktplaats kijken als je wat nodig hebt, en ook bijvoorbeeld Peerby hielp prima. Maar we ontdekten dat we ook een stuk creatiever gingen nadenken over bijvoorbeeld verjaardagscadeautjes. Want ja, wat doe je als je niet even wat mag bestellen op bol.com? Maar bovenal werden we ons bewust van hoe snel en hoe makkelijk we voorheen nieuwe spullen kochten.

Of anders
Een half jaar is lang, maar je kunt de challenge ook prima een maand doen. Of je probeert het eerst een week. En mocht je liever op een andere manier wat willen doen, dan staan hieronder wat tips:

  • Verkoop spullen die je niet gebruikt en ook niet wilt bewaren. Zo blijven spullen, onderdelen en materialen in gebruik
  • Denk even na voordat je dat nieuwe product uit het schap pakt. Heb je het echt nodig of is het luxe?
  • Doe zo lang mogelijk met je desktop, laptop, tablet en telefoon
  • Als je toch nieuwe elektronica nodig hebt, ga dan voor refurbished
  • Kleding nodig? Er is op Marktplaats echt heel veel te vinden dat maar één keer is gedragen. Maak een zoekopdracht aan voor jouw maat en je ontvangt elke dag de nieuwe advertenties
  • Wist je dat veel mensen het zelfs leuk vinden om spullen uit te lenen? Via Peerby heb je echt in een mum van tijd een ladder, schuurmachine of partytent te leen

De informatie over de impact van spullen en een deel van de tips komen uit het boek ‘De Verborgen Impact‘ van Babette Porcelijn.

 

Ties van Veelen

Facebooktwitter

Uitstekend klimaatnieuws!

Nee, dit wordt geen bekeringsverhaal. Ik weet het niet zeker, maar ik sluit niet uit dat de redactie van deze website daarop hoopte toen ze mij vroeg deze column te schrijven. Ik heb geen bekeringsverhaal, maar wel goed nieuws. Ik denk zelfs heel goed nieuws.

Dat zit zo.

Enkele weken geleden zat ik ineens midden in het nieuws. Ik bevond me, voor mijn werk, op een schip dat rond het schitterende eiland Spitsbergen voer, honderden kilometers boven Noorwegen. Op het schip waren twee gezelschappen aanwezig: een groep die bezig was een televisieprogramma te maken over de opwarming van de aarde en groep captains of industry.

Beide groepen waren daar op uitnodiging van poolreizigster en klimaatactivist Bernice Notenboom. De tv-ploeg om onorthodoxe oplossingen te bedenken voor het klimaatprobleem (te zien in het EO-tv-programma IceScream, in december van dit jaar). De mensen uit het bedrijfsleven om de klimaatverandering met eigen ogen waar te nemen.

Terwijl wij de prachtigste gletsjers en walrussen bekeken en nagenoeg waren afgesloten van de buitenwereld (geen wifi, geen 3 of 4G, alleen bereik via de satelliettelefoon), verschenen in de Nederlandse kranten grote artikelen over de delegatie uit het bedrijfsleven. Wat waren ze op Spitsbergen aan het doen? Was het een snoepreisje? Of werd er hard gewerkt aan oplossingen?

Dat snoepreisje, daar moest ik een beetje om lachen. Hoe kan iets nou een snoepreisje zijn als je het zelf betaalt? De leden van de bedrijvendelegatie zijn sponsoren van Bernice Notenboom. Dit waren dus op voorhand al ‘groene’ captains of industry. Zij zijn ervan overtuigd dat er een transitie moet plaatsvinden van fossiele naar duurzame energie. Daarover spraken ze indringend met elkaar, soms tot diep in de nacht.

Bij terugkeer belandde de formatie van een VVD/CDA/D66/GroenLinks-coalitie in een moeilijk fase. Het Algemeen Dagblad berichtte, zonder duidelijke bron overigens, dat het CDA niets aan GroenLinks wilde toegeven op klimaatgebied. En ineens kantelde het imago van de ‘snoepreizende bedrijvendelegatie’. Terwijl de politiek maar bleef dralen, het CDA voorop, had het bedrijfsleven al lang door er een transitie nodig is! Kijk maar, die lui reizen zelfs af naar Spitsbergen om met eigen ogen te zien hoe snel de aarde opwarmt. Daar kon de politiek nog een voorbeeld aan nemen!

Een paar dagen later bleek dat de formatie inderdaad klapte, maar op een heel ander onderwerp: migratie. In het debat dat daarop volgde, zette premier Mark Rutte een nieuwe stap in de beeldvorming rond de missie naar Spitsbergen. Hij vond het maar slappe hap, al die lui uit het bedrijfsleven die morele pleidooien houden voor een beter milieu. ‘Het is nogal gemakkelijk voor al die bedrijven om te roepen dat er van alles moet’, zei hij. ‘Ze gaan naar Spitsbergen en allemaal tranen. Dan denk ik: ‘Ja jongens, had daar dan een plan gemaakt hoe we het moeten doen! Als je kijkt waarmee ze terugkomen dan is dat goed voor 20% van wat we moeten doen’’, zei de beoogd premier.

Eerst waren het snoepreizigers, toen helden van de publieke opinie en nu dus pispaal van de beoogd premier. Zo snel kan het gaan. Maar het goede nieuws is, zo lijkt me, dat Rutte zich onomwonden voor een zeer ambitieus klimaatbeleid uitsprak. Zo uitgesproken heb ik hem daar nog niet over gehoord. Dat zal de lezers van deze website vast verheugen.

Waarom ik niet bekeerd ben? Dat is vrij simpel: als je slechts 1 keer naar Spitsbergen reist, is het onmogelijk om te zien dat gletsjers sneller slinken dan gedacht. Daarvoor moet je er vaker heen.

Overigens ben ik daar van harte toe bereid. Wat een schitterend gebied is het! En ja, bij terugkeer heb ik wel een kleine daad gesteld: ik heb een app gedownload waarop ik het energieverbruik in mijn woning kan bijhouden. Dat, opgeteld bij een ambitieuze klimaatpremier, is uitstekend klimaatnieuws toch?

Tijs van den Brink

Presentator Evangelische Omroep

De foto’s bij deze blog zijn gemaakt door Tijs van den Brink.

Facebooktwitter

De wereld voeden, maar hoe?

Dave Bookless, 28 februari 2017. Vertaald uit het Engels door Veraniek Veldstra/Embert Messelink.

In de jaren 80 leerde ik op de universiteit over de ‘Groene revolutie’ van India. De overheid wilde de groeiende bevolking voeden en hongersnoden voorkomen. De ‘moderne’ landbouw kwam in de jaren 60 en 70 op: irrigatie, zaadverbetering, mechanisering en grote hoeveelheden insecticiden en pesticiden. De ‘Groene revolutie’ was in de ogen van velen alleen maar vooruitgang: technologie kon ons redden en voeden.

Vandaag de dag zien dingen er heel anders uit. Ja, de productiviteit groeide en de hongersnood bleef uit. Maar tegelijk betaalde de bevolking een hoge prijs. Veel kleine boeren kwamen in de macht van geldschieters en multinationals. Boeren die voorheen van hun land leefden moesten zich zwaar in de schulden steken: volgens schattingen hebben 300.000 boeren uit India zelfmoord gepleegd sinds 1995. Dan zijn er nog de kosten voor de samenleving. Hoewel tegengesproken door sommigen, heeft het ongecontroleerde gebruik van chemische middelen een ernstige impact op drinkwater, kindersterfte, handicaps en andere ziekten. De staat Punjab wordt beschreven als “in de greep van een verschrikkelijke milieucrisis en gezondheidscrisis die voortvloeit uit de intensieve landbouwpraktijken die de afgelopen vier decennia grote hoeveelheden chemicaliën en pesticiden gebruikten.” Punjab heeft 2,5% van India’s landbouwgrond, maar gebruikt 18% van India’s pesticiden.

De gevolgen voor het milieu zijn enorm. Door het verbouwen van één gewas en overvloedig gebruik van insecticiden vermindert de biodiversiteit, zowel op landbouwgronden zelf als in de gebieden eromheen. De sterke vermindering van het aantal honingbijen wereldwijd kan ‘de kanarie in de kolenmijn’ zijn als het gaat om de impact van chemische middelen op ecosystemen[*]. Daarnaast wordt de vruchtbaarheid van de grond verwoest, waardoor steeds meer mest nodig is. Dit creëert niet alleen een cyclus waarin we steeds meer afhankelijk zijn van de vervuiling en eindige voorraden grondstoffen (essentieel voor het produceren van kunstmest), het vernietigt ook de vruchtbaarheid van de bodem zelf.

Kerkleiders uit de regio Dakatcha Woodlands in Kenia leren Farming God’s Way.

Dat roept de vraag op: kunnen we alle mensen voeden zonder deze ernstige sociale en milieuproblemen? Wat zegt de Bijbel, als de Bijbel er al iets over zegt, over grond, landbouw en landgebruik? Best veel! Als je de details wilt weten, dan beveel ik het boek van Ellen Davis aan ‘Scripture, Culture and Agriculture: An agrarian reading of the Bible’. De boodschap van dit boek – en ook van de Bijbel – is dat het land geen gebruiksvoorwerp is, maar dat we als mensen diep verbonden zijn met het land. Wij zijn gemaakt uit grond: Adam van adamah (stof van de aarde). Grond is geen levenloos object, maar een gemeenschap van miljoenen micro-organismen. Als we de grond vergiftigen met kunstmatige meststoffen en pesticiden, dan vernietigen we het leven in de bodem en de capaciteit om zich te herstellen. Daarom was die zogenaamde ‘Groene revolutie’ gedoemd op lange termijn te mislukken. Er was geen respect voor de integriteit van de bodem of de lokale kennis van de mensen die daar al generaties lang woonden.

Daarom is ‘Farming God’s Way’ (‘Bijbels boeren’), dat in meer dan 20 Afrikaanse landen wordt gebruikt, een echte oplossing. Dat geldt voor kleine boeren, voor het voeden van mensen en voor het herstellen van de biodiversiteit…en alles is gebaseerd op Bijbelse principes toegepast op de Afrikaanse context. A Rocha Kenia en A Rocha Uganda hebben jarenlang Farming God’s Way gebruikt. Boeren werken met lokale zaden, natuurlijke bestrijdingsmiddelen, compost en mulch als mest en om vocht vast te houden (‘Gods deken’). Ook krijgen ze een Bijbelse en wetenschappelijke training over de onderlinge afhankelijkheid in de schepping. De resultaten kunnen fantastisch zijn! In een recente e-mail uit Kenia las ik over een boer die met deze methode een 5 keer zo grote uienopbrengst had als zijn buurman, en dit nog wel tijdens een droge periode.

Hoe wordt jouw eten verbouwd? Of je nou zelf een tuintje hebt of niet, we eten allemaal. Is in een wereld waarin miljoenen mensen honger lijden en de biodiversiteit verdwijnt, chemische landbouw de enige oplossing? God heeft ons gemaakt als wezens die verbonden zijn aan elkaar en aan het land. Dan maakt het uit wat we eten, hoe en waar het groeit en wat eraan toegevoegd wordt. Zullen we het hier vaker met elkaar over hebben? En zullen we programma’s zoals Farming God’s samen ondersteunen en bekend maken? Voor de armen, voor de planeet, voor God?

 

Kom in contact met meer christenen die geven om Gods schepping via A Rocha Nederland.

 

Meer over Dave Bookless Dave werkt sinds 1997 voor A Rocha. Eerst als bestuurslid van A Rocha Internationaal, vanaf 2001 samen met zijn vrouw Anne als medeoprichter van A Rocha UK en landelijk directeur, daarna als directeur theologie, kerk en duurzame samenlevingen. Vanaf 2011 neemt hij deel aan het internationale A Rocha team. In zijn rol als ‘adviseur voor theologie en kerken’ geeft hij advies aan diverse internationale theologische en missionaire netwerken en organisaties. Daarnaast is hij bezig met een parttime PhD aan de Cambridge universiteit over Bijbelse theologie en het behoud van biodiversiteit. De passie van Dave is het overbrengen van de Bijbelse leer aan hedendaagse culturen. Hij spreekt in veel verschillende landen op conferenties, universiteiten en kerken. Hij heeft een bijdrage geleverd aan veel boeken en is bovendien auteur van Het groene hart van het geloof (Uitgeverij Kok, 2009). Dave is opgegroeid in India en heeft een voorliefde voor pittig eten, de Indiase cultuur en het Indiase christendom. Hij, zijn vrouw en vier kinderen leven in het multiculturele Southall, Londen, waar Dave een grote rol heeft in een multiculturele kerk en met zijn gezin probeert zo duurzaam mogelijk leven te leven. Dave is tevens gecertificeerd vogelringer en houdt van eilanden en bergen.

Bekijk alle berichten van Dave Bookless.

 Facebooktwitter

Vakantieverkeer

Vakantie is ontspannen en genieten. Ik ben dan niet de hele tijd met duurzaamheid bezig. Toch draagt een vakantie een groot deel van mijn ecologische voetafdruk. Hoeveel dat is hangt af van mijn reis, waar ik verblijf en wat ik op vakantie doe. In deze blog wil ik eens kritisch kijken naar een van die onderdelen, namelijk de reis. Heb je nog niet besloten hoe je dit jaar vakantie gaat vieren? Dan kan je hieronder alvast wat inspiratie vinden.

Het vliegtuig is een populair vervoersmiddel voor vakantie. Van alle vakanties naar het buitenland in 2015 waren er bijna 7 miljoen met het vliegtuig. Het vliegtuig geeft je de mogelijkheid naar landen te reizen waar we vroeger alleen van konden dromen en dat voor relatief weinig geld. Waar we eerder uren in de auto of in de boot moesten zitten, vliegen we nu in korte tijd naar toe. Ideaal zou je zeggen, maar het vliegtuig is niet een duurzaam vervoersmiddel. De uitstoot van een vliegtuig is groot en doordat het hoog in de atmosfeer wordt uitgestoten wordt het effect versterkt. Hoe kun je de uitstoot dan beperken? Probeer minder vaak te vliegen, vlieg minder ver (een zonvakantie in Zuid-Europa in plaats van Zuid-Amerika) of kies voor een ander vervoersmiddel.

In 2015 werd de auto voor 10 miljoen vakanties als vervoersmiddel gebruikt. Dit maakt het tot het meest favoriete vervoersmiddel. Reizen met de auto draagt voor velen bij aan het comfort: je kunt gaan en staan waar je wilt en je auto volproppen met alles wat je mee wil nemen. Hoeveel impact de reis heeft op het milieu hangt van een aantal factoren af: de zuinigheid van de auto, de rijstijl, het aantal kilometers en het aantal passagiers. Daarnaast wordt het brandstofgebruik hoger wanneer je een dakkoffer, fietsenrek of caravan hebt. Je zou daarom ervoor kunnen kiezen om fietsen of een caravan ter plekke te huren om zo het brandstofverbruik iets te beperken.

Een meer duurzame manier van reizen is op vakantie gaan met de bus of trein. Vanuit Nederland rijden er tourbussen en treinen naar het buitenland. Binnen een dag kun je in Zuid-Zweden of Zuid-Frankrijk staan. Via de website van NS International (link) kun je gemakkelijk tickets bestellen. Je kan zelfs via de website van de Treinreiswinkel naast tickets ook een groter deel van je vakantie laten regelen, zoals rondreizen, stedentrips, vakanties met de trein en autohuur, autotreinreizen en treinpassen (link) om meerdere landen te bezoeken. Natuur&Milieu schreef een blog over de mooiste treinreizen in Europa. Eén van deze treinreizen ga ik deze zomer ondernemen! Ik vind het heerlijk om met de trein op vakantie te gaan. De reis zelf staat al garant voor een hoop plezier, mooie uitzichten en tijd voor ontspanning terwijl je naar je locatie wordt gereden. Doordat ik liever niet in een grote stad verblijf, ben ik de meeste tijd kwijt met het zoeken naar een verblijfplaats die ik goed met het OV kan bereiken. Vooral in landen met een minder uitgebreide infrastructuur kan dat een uitdaging zijn. Je fiets meenemen kan dan een goede oplossing zijn. Zo heb ik vorig jaar mijn fiets meegenomen op de boot en trein naar Engeland.

Een fietsvakantie is de meest duurzame vakantie, en toevallig wonen we in een land waar de meeste mensen een fiets hebben. Met een paar goede fietstassen of een fietskar kun je alles meenemen wat je nodig hebt. Fiets naar één locatie om daar de omgeving verder te ontdekken of trek van slaapplaats naar slaapplaats om meerdere locaties aan te doen. Partner Amarant Reizen biedt verschillende fietsvakanties aan in binnen- en buitenland. Voor de reizen naar het buitenland kun je via Amarant gelijk je CO2 uitstoot bij ons compenseren. Sommige mensen leggen lange afstanden af met de fiets, zoals bijvoorbeeld een fietstocht naar Parijs. Is dat toch iets te ambitieus? Kies dan voor een reis met het openbaar vervoer en neem gewoon je fiets mee.

Om je een idee te geven wat de impact is van de verschillende vervoersmiddelen, heb ik de CO2 uitstoot voor een retour reis van Amsterdam naar Nice uitgerekend.

Zoals je kan zien zijn de trein en de bus de minste vervuilende vervoersmiddelen; de auto en het vliegtuig zijn minder duurzaam. Welke van deze twee meer vervuilend is hangt af van een aantal factoren. In dit geval is het in je eentje met een auto rijden meer vervuilend dan met het vliegtuig reizen. Bij twee personen ligt het kantelpunt en bij drie of meer personen is de auto een duurzamere keuze.

Dat wil niet zeggen dat het niet uit maakt of je met het vliegtuig of de auto op vakantie gaat wanneer je met twee personen reist. Vlieg je bijvoorbeeld samen naar New York dan stoot je 40% meer CO2 uit dan wanneer je dezelfde afstand aflegt per auto.

 

 

 

 

 

 

Ik weet al met welk vervoersmiddel ik op vakantie ga: de trein. Heb jij al een idee? Ons motto ‘verminder wat je kunt, compenseer de rest’ kun je ook hier toepassen. Kijk eerst of je vakantie-uitstoot kan verminderen. Hiervoor kun je de tips in deze blog gebruiken. Heb je een keuze gemaakt? Compenseer dan de rest via onze calculator.

Veraniek

Facebooktwitter

Elke tafel een altaar?

Als cateraar ben ik nogal wat van mijn tijd bezig met eten. Ik kom er maar eerlijk voor uit dat ik een haat-liefde verhouding ten opzichte van duurzaam eten heb. De nadruk ligt al snel op het halen van een norm. Doe je dit wel, dat niet, laat je dit staan, fiets je daar voor om. Het is voor mij gewoonte geworden om veel biologische en fairtrade keuzes te maken, die zijn er stapje voor stapje ingekomen. Maar als het een norm moet worden die ik moet halen dan wordt een verhaal van falen.

Ik ontdekte de kracht van de Joodse gewoonte om God voor alles te zegenen met het dankgebed Beracha “Gezegend bent U, Heer, onze God, koning van de wereld, voor…” en dat vul je aan. Bijvoorbeeld “voor dit eten, voor dit drinken”. De bedoeling van dit dankgebed is dat de bidder alle gewone dingen, ook het eten, leert verbinden met God.

Ik merk dat voor mij hierin de sleutel ligt. Want kan ik God danken voor het vlees van een dier dat onder erbarmelijke omstandigheden leefde? Kan ik God danken voor vlees waarvoor hele oerwouden gekapt worden? Kan ik God danken voor chocola waar mensen voor lijden?


In mijn danken verbind ik me met de liefde en zorg die God geeft. Ik kan God ook van harte danken En aan de andere kant, als ik de keus maak om het niet te kopen, maar een ander doet dat wel en deelt daarvan met me, dan zegen ik God voor wat mij ten deel valt.

Hier mee leer ik elke gedekte tafel te zien als een altaar. Onze tafel is niet alleen gedekt met eten, maar vooral door de goedheid van God. Dan wordt het een plek om samen te komen, een plek die daarmee het samenzijn veranderd in een geheiligd samen zijn onder Gods zegen. Zo helpt het mij om niet achteloos met maaltijden om te gaan, maar om ze tot eer van God te bereiden en te eten.

En laten we dan de maaltijd beginnen met:

Gezegend bent U, Heer, onze God, koning van de wereld,

die een God is van overvloed en rijkdom

en die er behagen in schept om mensen te vervullen met zijn overstelpende goedheid.


Eelkje Visser-Mellema

Als bron gebruikte ik een preek van Jos Douma.

Facebooktwitter

Concentratieproblemen

De rioolwaterzuiveringsinstallatie. Een lang woord, laten we het even afkorten met RWZI. Voor velen is de RWZI waarschijnlijk een ver-van-mijn-bed-show. Toch blijkt de RWZI dichterbij je bed dan je denkt. Alle waterleidingen in jouw huishouden lopen namelijk richting het riool, dat via een ondergronds buizenstelsel (in heel Nederland zo’n 137.300 km aan buizen!) richting de RWZI loopt. Daar worden alle stoffen die je aan het water hebt toegevoegd, zo goed en zo kwaad als het kan, uit de afvalwaterstroom gezuiverd. Daarna kan het water weer schoon de waterkringloop in.

Leuk, maar wat heeft dat met duurzaam leven te maken? Het huidige riool management in Nederland heeft verschillende uitdagingen die te maken hebben met verduurzaming. Denk hierbij aan energiebesparing van de zuivering zelf en de energie die in de afvalwaterstroom zit (bijvoorbeeld nutriënten uit jouw ontlasting) benutten. Om deze zuivering efficiënter te maken moet de afvalwaterstroom zo geconcentreerd mogelijk bij de RWZI aankomen. Hieronder noem ik een aantal maatregelen die je al dan niet eenvoudig in jouw huishouden kunt nemen om de concentratie van het afvalwater dat je produceert te verhogen.

Verreweg het meeste water wat je in de stroom brengt, komt via de douchebak. Ik weet het: het is verleidelijk om er lekker lang onder te staan. Maar als je elke dag 2 minuten korter doucht, kan dat al gauw zo’n 530 liter water per maand schelen. Als je een waterbesparende douchekop hebt (chapeau), dan scheelt dit zo’n 415 liter per maand.

De één na grootste waterverspiller is het toilet. Waarschijnlijk spoel je ongeveer 6x per dag het toilet door met 7,5 liter water per keer. Een toilet met een zo klein mogelijke spoelbak (momenteel minimaal 6 liter vanwege regelgeving) kan zo’n 270 liter per maand schelen. Installeer je ook nog eens een spoelkeuzeknop (en gebruik je die juist), dan komt daar een waterbesparing van 276 liter per maand bij. Met een spoelonderbreker bepaal je zelf de hoeveelheid water voor het doorspoelen, waardoor je een nog grotere besparing kan realiseren dan met een spoelkeuzeknop.

Ten slotte kunnen we natuurlijk waterverspilling terugbrengen tot een minimum door waterstromen 2x te gebruiken. We kunnen bijvoorbeeld het water waar we onze handen mee wassen na het toiletteren hergebruiken voor het doorspoelen van het toilet. Een geniaal product dat hiervoor op de markt is, is de SinkPositive: een fonteintje die je op je spoelbak monteert. Met deze maatregel besparen we dus al het water wat we normaal gesproken gebruiken voor het handen wassen na het toiletbezoek: ongeveer 150 liter per maand.

Hieruit blijkt maar weer: concentreren kun je leren!

Jannet Leeuwdrent-Mulder

 Facebooktwitter